|
|
||
|
||
|
Vreugde is een “reflectie” van goede daden. Als de daden van Kedusha (let. Heiligheid) zijn, dan verschijnt vervolgens vreugde. Maar, we moeten weten dat er ook een onderscheiding van een Klipa (let. Schil) is. Om te weten te komen of het Kedusha is, bestaat er de toets dat er een reden “in de geest” van Kedusha is, en er geen reden is in de Sitra Achra (let. Andere Zijde), dit omdat een andere god steriel is en geen vrucht draagt. Daarom, wanneer iemand door zaligheid komt, zou hij de woorden van de Tora moeten onderzoeken om zo de geest(gedachte) van de Tora te ontdekken. We moeten ook weten dat vreugde onderscheiden wordt als sublieme lichtendheid wat verschijnt door MAN1, wat goede daden is. De Schepper veroordeelt men waar men is. Met andere woorden, als men zich de last van het Koninkrijk der Hemelen voor de eeuwigheid op zich neemt, dan vindt daar een onmiddellijk sublieme lichtendheid op plaats. Zelfs als iemand duidelijk ziet dat hij snel van zijn graad zal vallen, veroordeelt De Schepper hem nog steeds waar hij is. Het betekent dat als men nu beslist heeft om zich de last van het Koninkrijk der Hemelen voor de eeuwigheid op zich te nemen, dat het als volkomenheid beschouwd wordt. Echter, als men de last van het Koninkrijk der Hemelen op zich neemt en niet wil dat die toestand voor altijd in hem blijft, dan wordt deze zaak en deze daad niet als volkomenheid beschouwd, en natuurlijkerwijze, kan het Hoge Licht niet komen en rusten. Dat is omdat het volledig en eeuwig is, en het niet zal veranderen. Bij een persoon echter, zelfs als hij het wil, zal de toestand waarin hij zich bevindt niet eeuwig zijn.
[1] afkorting voor Mayin Nukvin – let. Vrouwelijke Wateren.
|
|
| |
|
|
|
|
"Bnei Baruch" Copyright ©1996. Bnei Baruch. All rights reserved. | |
|
| |